Stikstof : de maatregelen

Door: Joost Overbeek 11 juni 2020

Op 24 april 2020 heeft minister Schouten in een brief aan de Tweede Kamer aangegeven hoe het kabinet de stikstofproblematiek wil aanpakken. In dit artikel worden enkele maatregelen uit die brief beschreven die in het bijzonder van belang zijn voor de (melk)veehouderij.

Stikstof: de maatregelen

Op 24 april 2020 heeft minister Schouten in een brief aan de Tweede Kamer aangegeven hoe het kabinet de stikstofproblematiek wil aanpakken. In dit artikel worden enkele maatregelen uit die brief beschreven die in het bijzonder van belang zijn voor de (melk)veehouderij.

Streefwaarde stikstofreductie voor 2030
Het kabinet streeft ernaar om in 2030 op ten minste 50% van de hectares met stikstofgevoelige natuur in Natura 2000-gebieden de stikstofdepositie onder de kritische depositiewaarden (KDW) te brengen. Om de streefwaarde te realiseren, is een stikstofdepositiereductie van gemiddeld 255 mol (per ha per jaar) in 2030 nodig. Een deel wordt behaald met al eerder vastgesteld beleid en maatregelen uit het Klimaatakkoord. De resterende opgave bedraagt 110 mol en dit moet worden bereikt met extra bronmaatregelen.

Bronmaatregelen veehouderij
Een groot deel van de reductieopgave komt terecht bij de (melk)veehouderij. Zoals al eerder aangekondigd, wordt gekeken naar eiwitarmer voer, meer beweiden en emissiearmer uitrijden van mest. Met name de voermaatregel wordt gezien als een maatregel met een grote potentiële stikstofreductie (tussen 14,4 en 63,4 mol). De potentiële reducties door meer beweiden (0,8-3,7 mol) en verdunnen van mest (2,3-9,2 mol) zijn veel minder groot.

Er komt een landelijke beëindigingsregeling voor veehouders die willen stoppen. Alleen bedrijven met een hoge stikstofdepositie komen daarvoor in aanmerking. De regeling treedt op zijn vroegst begin 2021 in werking. Naar verwachting kan hiermee een reductie van 32 mol worden behaald.

Een deel van de stikstofreductie moet komen uit stalmaatregelen. Uiterlijk in 2025 zullen er voor alle relevante diercategorieën aangescherpte ammoniakemissienormen voor nieuwe stallen en renovaties gaan gelden. Voor bestaande stallen gaat dan een nader te bepalen overgangsperiode gelden. Verwacht wordt dat daarmee circa 40 mol reductie wordt behaald, waarvan 20-27 mol door de melkveehouderij. 

Beweiden/bemesten, legalisering van PAS-meldingen en andere activiteiten die zonder natuurvergunning mochten worden uitgevoerd.
Het kabinet en de provincies willen dat voor beweiden en bemesten geen vergunningplicht geldt. Ook moeten zoveel mogelijk van de 3.636 bedrijven met een PAS-melding alsnog een vergunning krijgen. Hiervoor wordt 11 mol van nog te nemen bronmaatregelen gereserveerd. Rond sommige Natura 2000-gebieden zal legalisatie met deze ontwikkelreserve echter niet mogelijk zijn en moet gekeken worden of maatwerk mogelijk is. Voor overige activiteiten die in de PAS-periode waren vrijgesteld van vergunningplicht moet nog een oplossing worden gevonden. Op dit moment inventariseren de provincies in hoeverre de PAS-meldingen zijn gerealiseerd. Het kabinet heeft aangegeven dat verzoeken tot handhaving zullen worden afgewezen tijdens het traject van legalisatie. 

Blijf op de hoogte