Stikstof en de agrarische sector: hoe zit het ook alweer?

Gepubliceerd: 3-10-2019, gezien: 166 keer

Op dinsdag 1 oktober 2019 protesteerden duizenden boeren op het Malieveld in Den Haag. Zij willen niet worden weggezet als milieuvervuilers. Aanleiding was de stikstofproblematiek waar we in Nederland mee te maken hebben. Hoe zit dat nou precies?

Stikstof en de agrarische sector: hoe zit het ook alweer?

Programma Aanpak Stikstof van tafel

Op 29 mei 2019 haalde de Raad van State een streep door de manier waarop Nederland omging met activiteiten met stikstofuitstoot in of nabij kwetsbare natuurgebieden. Door deze uitspraak mogen provincies het Programma Aanpak Stikstof (PAS) niet meer gebruiken voor vergunningverlening. Door het PAS konden overheden stikstofuitstotende activiteiten toelaten, vooruitlopend op de positieve effecten van PAS-maatregelen. Zo’n toestemming ‘vooraf’ is in strijd met de Europese natuurwetgeving, zo oordeelde de Raad van State.

 

Adviescollege Stikstofproblematiek aan het werk

Naar aanleiding van de uitspraak, riep minister Schouten van LNV het Adviescollege Stikstofproblematiek in het leven, onder voorzitterschap van Johan Remkes. Deze commissie bracht op 25 september 2019 een eerste advies uit aan het kabinet, met de titel ‘Niet alles kan’. Uitgangspunt van het Adviescollege Stikstofproblematiek is dat alle sectoren een bijdrage moeten leveren aan de oplossingen op het gebied van stikstof.

In het rapport van de commissie staat onder meer dat 46 procent van de stikstofuitstoot afkomstig is uit de agrarische sector. Verder komt 32,3 procent uit het buitenland en 6,1 procent uit het wegverkeer. Sommige politieke partijen en organisaties stelden naar aanleiding van de PAS-uitspraak en het advies van de commissie-Remkes dat veehouders subsidieslurpende milieuvervuilers zijn, die nauwelijks een bijdrage leveren aan de economie. Maar hoe zit het nu echt?

 

Agrarische sector en milieuvervuiling

Laten we beginnen met de milieuvervuiling. Uit de Emissieregistratie 2019 blijkt dat slechts 14 procent van de broeikasgasemissie in Nederland afkomstig is uit de agrarische sector. Gerekend vanaf 2010 is er zelfs sprake van een lichte daling in de absolute uitstoot van broeikasgassen. Binnen de agrarische sector is het aandeel van de grondgebonden veehouderij het grootst: 46 procent. Dat komt door de methaanuitstoot van koeien en de relatieve zwaarte van methaan in de bijdrage aan het broeikasgaseffect. Door het energie-intensieve karakter van de glastuinbouw, is het aandeel van die sector ook vrij groot: zo’n 30 procent.

 

Agrarische sector en de economie

Dan de economie. De agrarische sector bestaat uit drie deelsectoren: landbouw, tuinbouw en visserij. Al deze sectoren zijn nauw verweven met andere onderdelen van de economie. De sector is bijvoorbeeld in grote mate afhankelijk van de toelevering van veevoer, energie, kunstmest, machines, stallen, kassen en veterinaire en zakelijke diensten. Voordat de producten op het bord van de consument komen, worden ze verwerkt, verhandeld en gedistribueerd. Deze activiteiten samen noemen we ook wel het agrocomplex. Het agrocomplex bedraagt ongeveer 52 miljard euro, wat overeenkomt met rond de 7 à 7,5 procent van het nationale totaal. In totaal is de agrarische sector, inclusief toeleveranciers, verwerking en dienstverlening, goed voor zo’n 626.000 arbeidsplaatsen. Dat is ongeveer 9 procent van de totale Nederlandse werkgelegenheid.

 

Winstgevende veehouderij?

De agrarische sector levert dus een substantiële bijdrage aan de Nederlandse economie. Voor veel boerenbedrijven is het echter lastig om winst te maken. Bij Rombou zien we bijvoorbeeld dat de gemiddelde melkveehouder bij een melkprijs van rond de 36 cent al zijn kosten en uitgaven kan betalen. Dit noemen we ook wel de kritieke opbrengstprijs. De gemiddelde kale melkprijs voor een melkveehouder bij de fabriek ligt nu onder de 34 cent. De gemiddelde melkveehouder verdient op dit moment niks met zijn gezinsbedrijf en schiet er zelfs bij in. Iets wat we ons bij Rombou terdege realiseren.

 

Bijdrage leveren

Is het terecht om de boeren weg te zetten als subsidieslurpende milieuvervuilers die niets bijdragen aan de economie? Ik denk van niet. Tegelijkertijd valt er niet aan te ontkomen dat alle sectoren – dus ook de veehouderij – een bijdrage moeten leveren aan de oplossingen voor de stikstofproblematiek. Wilt u sparren over de implicaties van de stikstofproblematiek voor uw bedrijf of heeft u zelf een goede idee? Neem contact op met een van de Rombou-adviseurs.

Auteur
Bas Kolkman
Adviseur bedrijfslocatie
06-22 42 66 40

Theme picker